|
Met
het uitlaten van mijn hond mag ik graag vertoeven tussen het geboomte
van een nabijgelegen bosje in de buurt van mijn huis. Het is niet
groot, maar heeft voldoende afmetingen om me de illusie te geven in een
oerbos rond te dolen. Mijn rijke fantasie zorgt dan voor de rest.
Terwijl mijn hond, in de nadagen van z'n hondenleven, op z'n dooie
akkertje snuffelt van boom tot struikgewas, geniet ik van stilte en
natuur.
Dat
mijn genieten regelmatig woest bekrast wordt ligt niet aan mij of m'n
kwispelvriend, maar aan scholieren. En in het bijzonder aan de teringzooi die ze op hun pad naar school achter laten. Het is werkelijk
onvoorstelbaar: van chipszakjes tot kaugumpakjes, van half
doorgescheurde schriften tot misselijk makende snoepsubstanties, alles
kom je tegen. Achteloos weggedonderd. Iets wat de oerbewoners van het
bos zelfs niet in hun Neanderthaler hersens zouden halen.
Het
gemis aan respect voor natuur, eigen omgeving en sociaal gevoel houdt
een dagelijkse demonstratietocht wanneer de schoolbel luidt. Ik vraag
me soms af of er tegenwoordig een speciaal vak op school bestaat dat
onderwijst hoe je zo effectief mogelijk de boel kunt vervuilen. En ik
probeer me voor te stellen hoe het onderkomen op de eigen vuilnisberg
eruit moet zien.
Nou
besef ik heus wel dat het achteloos laten vallen van allerlei troep in
de groep iets stoers heeft. Het netjes in je tas, zak of papierbak
stoppen van wikkels en zakjes zou gemakkelijk een softe indruk
kunnen maken op leeftijdsgenootjes. Maar toch... Iets van opvoeding zou
je toch wel verwachten. Of is mijn naïviteit al te groot?
Uiteindelijk
is het toch een kwestie van opvoeding. Als ik vroeger iets op de grond
gooide kon ik een klap voor m'n kop krijgen. "Het is hier geen
vuilnisbelt!" donderde mijn moeder dan, terwijl de dreiging,
verstoken te blijven van verdere moederliefde, als het zwaard van
Damocles boven m'n hoofd bengelde. En het heeft geholpen.
|
|
Samen
met het groeiende besef tijdens mijn volwassen worden dat je een ander
niet met jouw troep mag laten zitten. Nog afgezien van het verzieken van
natuur en buurt met je afval. Dus stop ik gewoon papiertjes, zakjes etc.
in mijn zak totdat ik een afvalbak tegen kom of thuis ben. Normaal toch?
Nou,
kennelijk niet. En dan heb ik het niet over die scholieren maar ook over
hun ouders. Laatst stond ik op een parkeerplaats bij een winkelcentrum, toen een autoportier werd open gegooid en een hand de volledige
inhoud van een asbak omkieperde. Alsof het de normaalste zaak van de
wereld was om zo je zooi kwijt te raken. Nog geen vijf minuten later
verscheen er een andere hand waaraan een gedistingeerde dame vast zat.
Het restant van haar appel maakte een mooie boog en pletterde op de
motorkap van een nabij geparkeerde auto. Niks even naar de vijf meter
verderop staande afvalbak lopen. Nee, hup het raam uit! Toen ik er wat
van zei, keek het mens me aan alsof ik ze een oneerbaar voorstel deed in
het Swahili.
Op
zo'n moment begin ik aan mijn verstand te twijfelen. Ben ik nou gek of
zijn zíj het? En toen ik ook nog zag dat er kinderen in de auto van die
klokhuisgooier zaten, sloeg de verbijstering echt toe. En werd het me
ook duidelijk van die scholieren. Als de ouders al zo zijn, wat kun je
dan anders verwachten van henzelf?
Natuurlijk
doen úw kinderen zoiets niet. Misschien hun vriendjes of die bengels van
de buren. En u zelf gooit natuurlijk nooit een oude kerstboom of
bouwpuin stiekum 's nachts langs dat landweggetje. Dat zijn die
anderen. Maar het kan toch geen kwaad eens wat zelfonderzoek te doen. Of
toch maar eens naar uw kinderen te kijken. Of als u lesgeeft op school
het eens over dat "scholierenpad" te hebben. Want niet al die
vervuilers komen toch van een andere planeet?
En
wie weet, hoef ik dan mijn hond niet meer voortdurend uit de bergen
afval te graven in ons bos. Dat scheelt weer een wasbeurtje ook... |