|
Enfin,
ik ga na een vermoeiende werkdag eens lekker in mijn tuintje zitten.
De zon gaat zachtjes onder, de laatste vogeltjes zoeken hun maaltje voor
de nacht, m'n bier bruist me lief toe in een berijpt glas. Eindelijk
rust!
Ik
heb nog niet eens de gedachte afgemaakt, of André Hazes schalt door de
tuinen heen. Weg rust. Niks mis met onze André - ieder z'n smaak - maar
niet nú. Verstoord
en behoorlijk geďrriteerd spring ik op. Welke idioot heeft daar de
muziek zo hard staan? Ik wil rust!
Na
enig speurwerk wordt de onverlaat ontdekt. Zeven huizen verderop. Nou
vraag ik je, z-e-v-e-n huizen? Staat de muziek dan hard of staat ie
hard? Goed, ik naar het huis van de herriemaker. De deur wordt
opengedaan. Elk gesprek is onmogelijk. Die muziek dus. Na even wat hand-
gebaren uit de doventaal te hebben uitgeprobeerd, valt het kwartje bij
herriemaker. De installatie - je hebt 150 watt dus dat móet eruit -
wordt zachter gedraaid.
"Is
er wat?" vraagt herriemaker.
"Nou,"
zeg ik "Ik vind je muziek niet mooi en ook een beetje hard.
Bovendien is het jóuw muziek en mijn muziek bestaat uit stilte op dit
moment. En die kan ik niet meer horen."
Herriemaker
kijkt me aan met een blik waarbij die van een koe op hoge intelligentie
duidt. "Vind je 't niet mooi?"
Ik
schud voorzichtig nee. Praten heeft meer zin om dat tegen een lantaarnpaal te doen. We blijven mekaar aankijken totdat woorden echt
onvermijdelijk worden.
"Nou
ik wel," zegt herriemaker, alsof dat er toe doet.
|
|
"Ok,"
zeg ik, "maar als je 150 watt Hazes door je oren wilt laten
tetteren, doe dan de deur dicht. Zodat anderen er geen last van hebben.
Of doe een koptelefoon op."
Herriemaker
haalt z'n schouders op en sloft weg richting cd-speler. De volumeknop
wordt nog verder teruggedraaid. "Zo goed?"
Hij
kijkt me aan alsof ie een snoepje verwacht. Ik besluit er een puntje aan
te vijlen en ga weer naar huis.
De
volgende dag hetzelfde liedje. Nou ja, deze keer Frans Bauer. Maar wel
op volle sterkte. Behoorlijk pissig, besluit ik herriemaker op z'n eigen
niveau te benaderen. En ook wat aan muziek bij te dragen. Ik pak m'n
auto en zet 'm pal naast de tuin van herriemaker neer. Raampjes open,
cd-speler vol aan. Die goeie ouwe Elvis rockt met z'n songs dadelijk het
hele tulpenbedje van herriemaker plat. En de tuinkabouter verliest van
pure emotie zometeen z'n vishengeltje...
Zo,
nu eerst een biertje! Ik loop op m'n gemak naar de buurtkroeg, waar al
snel het muziekverhaal de ronde doet. Na een half uurtje besluit ik eens
poolshoogte te nemen. M'n cafégenoten gaan mee. Herriemaker staat
me al met een rood hoofd op te wachten. "Kun je gvd die kolere
herrie uitzetten!?"
Nu
imiteer ik op mijn beurt een blik in m'n ogen die koeien jaloers maakt.
Herriemaker
heb ik sindsdien nauwelijks meer muzikaal ontmoet. Wel in het buurtcafé.
Daar gaf hij na een paar biertjes toe dat ie Elvis eigenlijk wel mooi
vond. |